Verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van 2 weken, waarvan 1 week voorwaardelijk, wegens het besturen van een personenauto terwijl zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Het hof vernietigt dit vonnis en doet opnieuw recht.
Het hof oordeelt dat verdachte op 21 januari 2021 te Hoogeveen als bestuurder van een personenauto reed terwijl hij redelijkerwijs moest weten dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Dit blijkt uit eerdere staande houdingen, mededelingen van verbalisanten en zijn eigen verklaring.
De strafoplegging is gebaseerd op de ernst van het feit, de recidive van verdachte en het advies van de verslavingszorg. Het hof acht een gevangenisstraf van 1 week passend en verbeurt de inbeslaggenomen personenauto. Tevens wordt de voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid van 4 maanden ten uitvoer gelegd.
De uitspraak benadrukt het belang van verkeersveiligheid en het negeren van regels door verdachte, die ondanks hulpverlening blijft recidiveren. De veroordeling weerspiegelt de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.