ECLI:NL:GHARL:2022:9219
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen administratieve sanctie wegens overtreden geslotenverklaring zonder deugdelijke bebording
De betrokkene werd administratief gesanctioneerd voor het overtreden van een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op 17 juni 2019. De sanctie was gebaseerd op digitale handhaving met een foto waarop het voertuig zichtbaar was, maar niet de bebording die de geslotenverklaring aanduidde.
De betrokkene stelde dat de bebording niet deugdelijk was geplaatst en dat er geen schouwrapporten waren die de juiste plaatsing bevestigden. De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens te late indiening, maar het hof oordeelde dat het beroep tijdig was ingesteld nadat de motivering van de beslissing correct was toegezonden.
Het hof stelde vast dat de ambtenaar geen concrete informatie kon geven over de schouwmomenten en dat de foto onvoldoende bewijs leverde van de zichtbaarheid van het bord. Hierdoor kon de overtreding niet op de voorgeschreven wijze worden vastgesteld en mocht de sanctie niet worden gehandhaafd.
Het hof vernietigde de beslissing van de kantonrechter en de sanctiebeschikking van de officier van justitie, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigde de sanctiebeschikking wegens onvoldoende bewijs van correcte bebording en verklaarde het beroep gegrond.