ECLI:NL:GHARL:2023:10185

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
29 november 2023
Publicatiedatum
29 november 2023
Zaaknummer
Wahv 200.323.292/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Sekeris
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 62 RVV 1990Art. 81 RVV 1990Artikel 2 Besluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging feitcode gebruik busbaan van lijnbus naar bus bij verkeersovertreding

De betrokkene werd door de officier van justitie gesanctioneerd met een boete van €150 wegens het gebruik van een busbaan aangeduid met 'lijnbus' op de Hobbemastraat in Den Haag op 14 september 2021. De betrokkene ontkende de overtreding en stelde dat het wegdek was voorzien van het woord 'BUS' en niet 'LIJNBUS'. Een aanvullend proces-verbaal en een Google Streetview opname bevestigden dat het woord 'BUS' op het wegdek stond.

Volgens artikel 81 RVV Pro 1990 is er een onderscheid tussen busbanen aangeduid met 'BUS' (toegestaan voor alle autobussen) en 'LIJNBUS' (beperkt tot stads- en streekvervoer). De feitcode R622A (lijnbus) was daarom onjuist toegepast; de juiste code is R622 (bus). Het hof oordeelde dat de wijziging van de feitcode toegestaan is omdat de betrokkene hierdoor niet in zijn belangen is geschaad en de sanctie niet hoger wordt.

Het hof vernietigde de beslissing van de kantonrechter, verklaarde het beroep gedeeltelijk gegrond, wijzigde de feitcode en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van proceskosten van €1284,75 aan de betrokkene. De zaak werd behandeld op 15 november 2023 en het arrest werd uitgesproken op 29 november 2023 door mr. Sekeris.

Uitkomst: Feitcode gewijzigd van R622A naar R622 en proceskosten van €1284,75 toegekend aan betrokkene.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.323.292/01
CJIB-nummer
: 244208036
Uitspraak d.d.
: 29 november 2023
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Den Haag van 27 januari 2023, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is mr. I.N.D.J. Rissema, kantoorhoudende te Dordrecht.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
Er is daarnaast gevraagd om de zaak op een zitting van het hof te behandelen.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De gemachtigde van de betrokkene heeft de gelegenheid gekregen het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
De zaak is behandeld op de zitting van 15 november 2023. De gemachtigde van de betrokkene is verschenen.
De advocaat-generaal is vertegenwoordigd door [naam1] .

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 150,- voor: “als weggebruiker gebruik maken van busbaan of -strook aangeduid met: lijnbus
(feitcode R622A)”. Deze gedraging zou zijn verricht op 14 september 2021 om 15:18 uur op de Hobbemastraat in Den Haag met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. Namens de betrokkene wordt de gedraging ontkend. Op de betreffende straat is nergens ‘LIJNBUS’ aangebracht. In een aanvullend proces-verbaal verklaart de ambtenaar dat het wegdek was voorzien van het woord ‘BUS’ en hiervan is ook een schermopname van Google Streetview bijgevoegd. Voor de gedraging die de betrokkene eigenlijk wordt verweten geldt een andere feitcode, namelijk R622: “als weggebruiker, anders dan als bestuurder van een lijnbus, autobus of tram, gebruik maken van een busbaan of- strook aangeduid met ”.
3. De verweten gedraging betreft een overtreding van artikel 62 jº artikel 81 van Pro het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Artikel 62 van Pro het RVV 1990 houdt in dat weggebruikers verplicht zijn gevolg te geven aan de verkeerstekens die een gebod of verbod inhouden. Artikel 81 van Pro het RVV 1990 houdt in dat busbanen en busstroken waarop het woord «BUS» is aangebracht slechts mogen worden gebruikt door bestuurders van een lijnbus, een autobus of een tram. Busbanen en busstroken waarop het woord «LIJNBUS» is aangebracht mogen slechts worden gebruikt door bestuurders van een lijnbus of een tram.
4. Bij een overtreding van artikel 81 RVV Pro 1990 zijn de volgende feitcodes van toepassing:
R622: als weggebruiker, anders dan als bestuurder van een lijnbus, autobus of tram, gebruik maken van een busbaan of -strook aangeduid met “bus”.
R622A: als weggebruiker, anders dan als bestuurder van een lijnbus of tram, gebruik maken van een busbaan of -strook aangeduid met: “lijnbus”.
5. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens:
“Ik zag dat het in dit proces-verbaal genoemd voertuig over de busbaan op de Hobbemastraat reed. Ik zag dat dit voertuig het, ook voor hem geldende, rode verkeerslicht passeerde en rechtsaf sloeg de Vaillantlaan op.”
6. In een aanvullend proces-verbaal van 23 januari 2023 verklaart de ambtenaar – voor zover hier relevant – het volgende:
“Ik zag dat het betrokken voertuig vanuit het Hobbemaplein kwam en richting de Vaillantlaan reed. Ik zag dat het betrokken voertuig over de busbaan/trambaan reed en ik zag dat de weg was voorzien van de tekst ‘BUS’.”
7. Uit de tekst van artikel 81 RVV Pro 1990 blijkt duidelijk dat de wetgever heeft beoogd een onderscheid te maken tussen een busbaan aangeduid met ‘BUS’, waarop alle autobussen mogen rijden, en een busbaan aangeduid met ‘LIJNBUS’, die beperkt is tot autobussen van het stads- en streekvervoer. Er zijn ook twee verschillende feitcodes opgenomen. Gelet op het aanvullend
proces-verbaal is ten onrechte feitcode R622A gebruikt. Een wijziging is toegestaan indien een betrokkene daardoor niet in zijn belangen is geschaad. Daarvan is in dit geval sprake. De betrokkene wist waartegen hij zich moest verdedigen en de wijziging leidt niet tot een hoger sanctiebedrag. Het hof zal daarom de feitcode wijzigen en vaststellen op R622.
8. Gelet op deze beslissing komen de proceskosten voor vergoeding in aanmerking. Aan het indienen van het hoger beroep, het beroep bij de kantonrechter en het administratief beroep dienen in totaal drie punten te worden toegekend. Het hof zal, met toepassing van artikel 2, derde lid, van het Besluit proceskosten bestuursrecht, voor het telefonisch horen in administratief beroep een half punt toekennen. De waarde per punt bedraagt voor het administratief beroep € 597,- en voor het (hoger) beroep € 837,-. Gelet op de aard van de zaak wordt de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toegepast. Aldus zal het hof de advocaat-generaal veroordelen in de kosten tot een bedrag van € 1284,75.

De beslissing

Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gedeeltelijk gegrond;
wijzigt de beslissing van de officier van justitie, alsmede de inleidende beschikking in zoverre dat de feitcode wordt gewijzigd in R622, de omschrijving van de gedraging in ‘als weggebruiker, anders dan als bestuurder van een lijnbus, autobus of tram, gebruik maken van een busbaan of -strook aangeduid met “bus”;
veroordeelt de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene tot een bedrag van € 1284,75.
Dit arrest is gewezen door mr. Sekeris, in tegenwoordigheid van mr. Veenstra als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.