ECLI:NL:GHARL:2023:10302
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens gebrek aan bezwaren tegen vonnis
In deze strafzaak heeft de verdachte hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 25 januari 2019. Tijdens de terechtzitting van het hof op 20 oktober 2023 heeft de advocaat van de verdachte, evenals de verdachte zelf, aangegeven geen bezwaren meer te hebben tegen het vonnis waarvan beroep.
De advocaat-generaal had verzocht het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren. Het hof heeft op grond van artikel 416 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering besloten dit verzoek te honoreren, aangezien er geen redenen zijn voor een inhoudelijke behandeling van de zaak.
Het hof verklaart de verdachte daarom niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Dit arrest is uitgesproken in aanwezigheid van de raadsheren en griffier, waarbij één raadsheer niet in staat was het arrest mede te ondertekenen.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van bezwaren tegen het vonnis.