Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De beoordeling
[kenteken] .
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene werd beboet voor het rechts inhalen op de Rijksweg A4 te Leiden op 31 oktober 2020. De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond. De betrokkene stelde hoger beroep in bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
De ambtenaar verklaarde dat hij zich op die dag geconfronteerd zag met een grote groep motorrijders die zich schuldig maakten aan verkeersovertredingen. Vanwege de omvang van de groep en het gevaarlijke rijgedrag kon slechts één motorrijder staande worden gehouden. De ambtenaar zag de betrokkene rechts inhalen, maar zag zich genoodzaakt af te zien van staandehouding. Het hof oordeelde dat onder deze omstandigheden het afzien van staandehouding redelijk was en de sanctie terecht aan de kentekenhouder kon worden opgelegd.
Daarnaast stelde het hof vast dat de redelijke termijn voor de behandeling in eerste aanleg was overschreden, waardoor de boete met 25% werd gematigd. Ook werden proceskosten toegekend aan de betrokkene. Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter, verklaarde het hoger beroep gegrond en wijzigde de boete van €240,- naar €180,-.
Uitkomst: De boete wordt verminderd van €240,- naar €180,- vanwege overschrijding van de redelijke termijn en gegronde afweging om af te zien van staandehouding.