Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het verloop van de procedure
2.De beoordeling van het verzoekDe ontvankelijkheid van het verzoek
De gronden van het wrakingsverzoek
De inhoudelijke beoordeling van het verzoek
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen raadsheer Kwakman tijdens een strafrechtelijke zitting bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, stellende dat Kwakman zich niet had gelegitimeerd en dat er sprake was van vooringenomenheid. De wrakingskamer heeft het verzoek inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat het ontbreken van legitimatieplicht voor rechters geen grond is voor wraking en dat de overige aangevoerde gronden onvoldoende concreet en feitelijk onderbouwd waren.
Daarnaast werd een wrakingsverzoek tegen de wrakingskamer zelf ingediend wegens het weigeren zich te legitimeren, maar dit werd als een zuiver processueel punt beoordeeld en niet als een wrakingsgrond. De wrakingskamer oordeelde dat verzoeker oneigenlijk gebruik maakte van het wrakingsmiddel door meerdere wrakingsverzoeken in te dienen op dezelfde gronden.
De wrakingskamer bepaalde daarom dat toekomstige wrakingsverzoeken op dezelfde gronden niet meer in behandeling worden genomen om ongerechtvaardigd oponthoud te voorkomen. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 19 december 2023 door de wrakingskamer bestaande uit J.H. Kuiper, C. Coster en W.P.M. ter Berg.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen raadsheer Kwakman wordt afgewezen en toekomstige wrakingsverzoeken op dezelfde gronden worden niet meer in behandeling genomen.