Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder van een minderjarige, die onder toezicht is gesteld en in een pleeggezin verblijft, verzocht het hof om een wijziging van de omgangsregeling die door de gecertificeerde instelling (GI) was vastgesteld. De GI had de omgang beperkt tot eens per vier weken een ontmoeting van anderhalf uur onder begeleiding van de pleegmoeder. De moeder wilde deze regeling wijzigen naar twee keer per maand een onbegeleide overnachting of een andere passende regeling.
Het hof verwees naar de bestreden beschikking van de kinderrechter die het verzoek van de moeder had afgewezen. Tijdens de zitting bleek dat de situatie van de minderjarige is verslechterd, met verergerd zorgelijk gedrag en stagnatie in ontwikkeling. De omgang met de vader was ook verminderd. De moeder erkende dat rust voor het kind nu noodzakelijk is en vroeg alleen om de begeleider van de omgang te wijzigen van de pleegmoeder naar haar zus.
Het hof oordeelde dat het belang van het kind zich verzet tegen deze wijziging, omdat de pleegmoeder als vertrouwde hechtingsfiguur noodzakelijk is voor een veilige omgang. Daarom werd het verzoek van de moeder afgewezen en de beschikking van de kinderrechter bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de moeder tot wijziging van de omgangsregeling af en bekrachtigt de beschikking van de kinderrechter.