De terbeschikkinggestelde was in beroep gegaan tegen de beslissing van de rechtbank Zeeland-West-Brabant tot verlenging van zijn terbeschikkingstelling met twee jaren. Hij stelde dat verlenging met één jaar volstond en verzocht om een onderzoek in het Pieter Baan Centrum om aan te tonen dat hij geen psychiatrische problematiek heeft.
Het hof heeft het standpunt van de terbeschikkinggestelde beoordeeld, evenals de adviezen van de kliniek en onafhankelijke deskundigen die allen een verlenging van twee jaren adviseerden vanwege de complexiteit van de behandeling en het hoge recidiverisico. Het verzoek tot onderzoek in het Pieter Baan Centrum werd afgewezen omdat het hof voldoende informatie had en recent onafhankelijke rapportages beschikbaar waren.
Het hof bevestigde de beslissing van de rechtbank en benadrukte dat verlenging met twee jaren passend is gezien de noodzaak van een geleidelijk resocialisatietraject. Het hof sloot zich niet aan bij de rechtbankoverwegingen over het voortvarend oppakken van verlofaanvragen, omdat het Adviescollege Verloftoetsing het verzoek tot enkel begeleid verlof had aangehouden vanwege zorgen over samenwerking en risicomanagement.
De beslissing werd in het openbaar uitgesproken door een kamer van het hof, waarbij de terbeschikkinggestelde werd gehoord en bijgestaan door zijn raadsvrouw.