Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met producties, ingekomen op 16 augustus 2022, en
- een journaalbericht van mr. H.J. Scholten van 31 augustus 2022 met producties.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De kantonrechter had de moeder ontslagen als bewindvoerder van haar kind vanwege het niet tijdig indienen van rekening en verantwoording. De moeder stelde dat zij niet eerder op de hoogte was van haar verplichting en dat zij de stukken binnen de door de kantonrechter verlengde termijn had ingediend. Het hof oordeelde dat er geen gewichtige redenen waren voor ontslag, mede omdat het vermogen van het kind beperkt en overzichtelijk was en de moeder haar taken in beginsel goed had uitgevoerd.
Het hof stelde vast dat de moeder de laatste herinnering van de kantonrechter niet had ontvangen en daarom terecht mocht aannemen dat zij aan haar verplichtingen had voldaan. Daarnaast achtte het hof het belang van het kind gediend met de moeder als bewindvoerder, mede vanwege haar nauwe betrokkenheid en haar rol als mentor.
Op grond van deze overwegingen vernietigde het hof het ontslag en bepaalde dat de moeder haar functie als bewindvoerder met ingang van de uitspraak zou hernemen. Handelingen van de opvolgend bewindvoerder blijven geldig en deze dient over de periode van zijn bewindvoering alsnog rekening en verantwoording af te leggen.
Uitkomst: Het gerechtshof heeft het ontslag van de moeder als bewindvoerder vernietigd en haar functie hersteld.