ECLI:NL:GHARL:2023:3248
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Veroordeling advocaat-generaal tot vergoeding proceskosten in Wahv-hoger beroep
De betrokkene was in hoger beroep gegaan tegen de beslissing van de kantonrechter inzake een sanctie voor parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats zonder geldige kaart. De kantonrechter had de sanctie gematigd en een proceskostenvergoeding van €500 toegekend, terwijl de betrokkene een hogere vergoeding van €1.164,75 vorderde. Het hof oordeelt dat de kantonrechter onvoldoende motivering gaf voor de matiging van de proceskostenvergoeding, met name omdat de matiging niet duidelijk verband hield met het aantal proceshandelingen of de zwaarte van de zaak.
Het hof benadrukt dat de vraag of beroepsmatige rechtsbijstand, vooral op basis van no-cure-no-pay, moet worden vergoed, een principiële kwestie is die aan de regelgever toekomt en niet aan de rechter. Het hof vernietigt daarom het besluit van de kantonrechter over de proceskostenvergoeding en stelt een hogere vergoeding vast van €1.494, gebaseerd op forfaitaire bedragen en wegingsfactoren passend bij de aard van de zaak.
De advocaat-generaal wordt veroordeeld tot het betalen van deze proceskosten aan de betrokkene. Het arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg en uitgesproken in een openbare zitting te Leeuwarden.
Uitkomst: Het gerechtshof veroordeelt de advocaat-generaal tot vergoeding van €1.494 aan proceskosten aan de betrokkene.