ECLI:NL:GHARL:2023:4496
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- M.E. van Wees
- R. Prakke-Nieuwenhuizen
- W.A. Holland
- I.M. van Woudenberg
- E.M.M. Mol
- Rechtspraak.nl
Verlenging PIJ-maatregel jeugdige beperkt tot zes maanden wegens zorgwekkende ontwikkelingen
De jeugdige is veroordeeld tot een PIJ-maatregel vanwege ernstige delicten, waaronder poging tot doodslag. De rechtbank had de maatregel reeds met twaalf maanden verlengd, waartegen de jeugdige in hoger beroep ging. Het hof heeft de stukken bestudeerd, waaronder het proces-verbaal, aanvullende informatie van de jeugdinrichting, en een SAVRY-verslag.
Tijdens de zitting verklaarde de jeugdige dat hij niet bereid is te stoppen met middelengebruik en dat hij onvoldoende vertrouwen heeft in de jeugdinrichting. Het hof constateert dat het middelengebruik en de gedragsproblemen, waaronder verbale en fysieke agressie, het behandeltraject belemmeren. De jeugdinrichting adviseerde verlenging met twaalf maanden, maar het hof acht een kortere termijn van zes maanden passend om de ontwikkelingen spoedig te kunnen toetsen.
Het hof benadrukt het belang van een recent multidisciplinair gedragskundig rapport bij een eventuele volgende verlenging, met aandacht voor trauma, stemmingsstoornissen en verslavingsbeleid. De maatregel zal voorwaardelijk eindigen op 22 juli 2023 en onvoorwaardelijk op 22 juli 2024, tenzij verlengd. De beslissing van de rechtbank wordt vernietigd en de verlenging beperkt tot zes maanden.
Uitkomst: De PIJ-maatregel wordt verlengd met zes maanden in plaats van twaalf maanden.