ECLI:NL:GHARL:2023:5504

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
29 juni 2023
Publicatiedatum
29 juni 2023
Zaaknummer
Wahv 200.319.733/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • De Witt
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 61a RVV 1990Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging boete voor vasthouden mobiel elektronisch apparaat tijdens rijden

De betrokkene werd beboet voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op 7 september 2021 in Rotterdam. Hij stelde dat hij slechts een Apple Watch vasthield, die volgens hem niet onder het verbod van artikel 61a RVV 1990 valt. Het hof oordeelde dat een smartwatch wel degelijk onder het begrip mobiel elektronisch apparaat valt zoals bedoeld in het RVV 1990.

De verklaring van de ambtenaar dat de betrokkene een telefoon vasthield werd niet geloofwaardig weerlegd, mede vanwege de uiterlijke verschillen tussen een telefoon en een smartwatch. Bovendien had de betrokkene de ambtenaar ter plaatse kunnen wijzen op het verschil.

Het hof bevestigde daarom de beslissing van de kantonrechter om het beroep ongegrond te verklaren en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de boete van €250 voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
:
CJIB-nummer
: 244042632
Uitspraak d.d.
: 29 juni 2023
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Rotterdam van 24 oktober 2022, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is M.J.M. Bergers, kantoorhoudende te Maastricht.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 250,- voor: “als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden”. Deze gedraging zou zijn verricht op 7 september 2021 om 00.04 uur op de ’s-Gravendijkwal in Rotterdam met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. De gemachtigde van de betrokkene stelt zich op het standpunt dat de betrokkene een Apple Watch om zijn pols had en die Apple Watch licht afgaf. Deze Apple Watch hield de betrokkene in de buurt van zijn gezicht. Het licht van de Apple Watch moet het licht zijn geweest dat de ambtenaar heeft waargenomen. De ambtenaar heeft de Apple Watch aangezien voor een mobiel elektronisch apparaat. Een smartwatch is echter uitgezonderd van artikel 61a van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). De gemachtigde heeft foto’s van de Apple Watch van de betrokkene bijgevoegd.
3. In artikel 61a van het RVV 1990 is bepaald:
“Het is degene die een voertuig bestuurt verboden tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat dat gebruikt kan worden voor communicatie of informatieverwerking vast te houden. Onder een mobiel elektronisch apparaat wordt in elk geval verstaan een mobiele telefoon, een tabletcomputer of een mediaspeler.”
4. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens:
“Ik, verbalisant, zag dat de bestuurder de telefoon vasthield terwijl hij zijn voertuig bestuurde. Ik zag dat de bestuurder de telefoon ter hoogte van zijn gezicht vasthield. Ik zag dat het beeldscherm van de telefoon licht uitstraalde. (…)
Aan betrokkene is de cautie verleend. (…)
Betrokkene gaf geen verklaring. Omschrijving door de verbalisant: Nee ik wil geen verklaring afleggen.”
5. Uit de nota van toelichting bij het besluit van 24 juni 2019 tot wijziging van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en de bijlage, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften in verband met uitbreiding van het verbod van het tijdens deelname aan het verkeer vasthouden van mobiele elektronische apparaten, tot fietsers en trambestuurders (uitbreiding verbod vasthouden mobiele telefoon in het verkeer) blijkt het volgende:
“De term «mobiel elektronisch apparaat» is dus ruimer dan de huidige term «mobiele telefoon». Onder de nieuwe term vallen in ieder geval alle mobiele telefoons. Ook tabletcomputers, digitale foto- en videocamera’s, e-readers, laptops, mobiele navigatieapparaten, mobiele televisies en mediaspelers met een video- of audiofunctie vallen er in ieder geval onder, ook indien deze apparaten met snoeren en kabels zijn verbonden aan het voertuig.
Smartwatches vallen ook onder het begrip mobiel elektronisch apparaat. Het om je pols dragen van dergelijke apparatuur valt echter niet onder het begrip «vasthouden».” [1]
6. De door de gemachtigde ingenomen stelling dat een smartwatch is uitgezonderd van artikel 61a van het RVV 1990 faalt, nu in de nota van toelichting expliciet is opgenomen dat smartwatches vallen onder het begrip mobiel elektronisch apparaat als bedoeld in artikel 61a van het RVV 1990.
7. Het hof ziet in hetgeen de gemachtigde heeft aangevoerd geen aanleiding om te twijfelen aan de in het zaakoverzicht weergegeven verklaring van de ambtenaar dat de betrokkene een telefoon vasthield terwijl hij zijn voertuig bestuurde. Dat de ambtenaar een smartwatch voor een telefoon zou hebben aangezien is niet aannemelijk, gelet op de aanmerkelijke uiterlijke verschillen tussen deze beide elektronische apparaten. Voor zover de betrokkene een Apple Watch om zijn pols droeg, sluit dat trouwens geenszins uit dat hij een telefoon heeft vastgehouden. Ten slotte had het op de weg van de betrokkene gelegen de ambtenaar daarop direct te attenderen, zodat deze ter plaatse het een en ander had kunnen verifiëren. Geconcludeerd wordt dat de verklaring van de ambtenaar niet op geloofwaardige wijze is weerlegd. Gelet op de gegevens in het zaakoverzicht kan worden vastgesteld dat de gedraging is verricht.
8. Nu de aangevoerde gronden geen doel treffen, zal het hof de beslissing van de kantonrechter bevestigen.
9. Het verzoek om een proceskostenvergoeding zal worden afgewezen.

De beslissing

Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Dit arrest is gewezen door mr. De Witt, in tegenwoordigheid van mr. Koldenhof-ten Kate als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.