De beoordeling
1. Uit de eerder in deze zaak door de advocaat-generaal ingebrachte informatie is gebleken dat de verdere uitvoering van het versturen van een waarschuwingsbrief in de eerste periode, zoals in het Beleidskader digitale handhaving geslotenverklaringen en voetgangersgebieden 2018 (verder: Beleidskader) is voorgeschreven, ter zake van het handelen in strijd met een geslotenverklaring, aan gemeenten zelf wordt gelaten en dat gemeenten vrij zijn om voor een langere waarschuwingsperiode te kiezen dan de door het parket CVOM geadviseerde minimale periode van een maand. Het hof heeft naar aanleiding hiervan bij tussenarrest van 29 maart 2023 aanvullende informatie opgevraagd over de wijze waarop de gemeente Nijmegen invulling geeft aan voornoemd vereiste van het Beleidskader. Door de advocaat-generaal is op 13 april 2023 een e-mailwisseling met een medewerker van de gemeente Nijmegen overgelegd, waarin antwoord wordt gegeven op de door het hof gestelde vragen.
2. De onderstaande vragen zijn als volgt beantwoord:
- Hanteert de gemeente een bepaalde termijn voor de waarschuwingsperiode en zo ja welke termijn?
“Vooropgesteld: elke
eersteovertreder (kentekenhouder) krijgt een schriftelijke waarschuwing per post. Vervolgens start er een waarschuwingsperiode (Cooldown) van twee weken waarbinnen het voertuig bij herhaaldelijke of eenmalige overtreding geen bon of waarschuwing meer krijgt. Na die twee weken krijgt de overtreder bij een nieuwe overtreding direct een bon en vervolgens per overtreding.”
- Hanteert de gemeente het beleid dat hiervoor niet een bepaalde periode wordt aangehouden maar dat ten aanzien van ieder voertuig dat voor de eerste keer de geslotenverklaring negeert aan de kentekenhouder van het voertuig een waarschuwing wordt verstuurd, ook als de geslotenverklaring al langer bestaat?
“Ja correct. Elke nieuwe overtreder krijgt eerst een waarschuwing.”
- Op welke wijze wordt vormgegeven aan de verzending van de waarschuwingsbrieven?
“Vanuit het handhavingssysteem Brickyard gaat er een export met waarschuwingen (eerste overtreders) naar het bedrijf [naam1] die voor ons uitvoering geeft aan het daadwerkelijk verzenden van de waarschuwingsbrieven. Met deze partij zijn alle daartoe relevante overeenkomsten gesloten.
Verder goed om te weten: de geslotenverklaring Griftdijk is enkel werkzaam tijdens spitstijden op werkdagen. Kortom daar is ons beleid en de cooldown periode van twee weken op gebaseerd.”
3. Het hof stelt - voor zover hier relevant - het volgende vast:
- uit het Beleidskader volgt dat, om in de beginperiode een opeenstapeling van het aantal beschikkingen per kenteken te voorkomen, gestart wordt met communicatie naar omwonenden en overtreders en vervolgens gefaseerd wordt gestart met handhaving. In de eerste periode wordt volstaan met een waarschuwingsbrief die door de gemeente aan betrokkenen wordt verzonden en vervolgens wordt per week maximaal één beschikking per kenteken geregistreerd. In ieder geval moet de eerste beschikking aan een betrokkene zijn verzonden voordat de volgende wordt opgelegd;
- vanuit het parket CVOM wordt richting gemeenten gecommuniceerd dat de waarschuwingsperiode (beginperiode) minimaal een maand moet duren, de waarschuwingsperiode mag langer zijn indien gemeenten dit zelf willen;
- de gemeente Nijmegen hanteert het beleid dat -naar het hof begrijpt- elke kentekenhouder van een voertuig dat voor de eerste keer de geslotenverklaring negeert, eerst een waarschuwing ontvangt alvorens een sanctie wordt opgelegd en dat na de waarschuwing nog een cooldown periode van twee weken wordt gehanteerd;
- aan de betrokkene is als kentekenhouder een sanctie opgelegd voor het handelen in strijd met de geslotenverklaring op de Griftdijk in Nijmegen op 2 maart 2020 om 08:54 uur met het voertuig met het buitenlandse kenteken [kenteken] ;
- de ambtenaar heeft geconstateerd dat het voertuig met dit kenteken al eerder op deze locatie is geregistreerd ter zake van dezelfde gedraging, te weten op 22 januari 2020 om 08:45, en deze aankondiging van beschikking staat als een waarschuwing geregistreerd;
- de ambtenaar heeft verklaard dat het niet mogelijk is om buitenlandse kentekens een waarschuwingsbrief te sturen.
4. Uit het vorenstaande volgt dat de gemeente Nijmegen de haar binnen het Beleidskader gegeven ruimte zo invult dat de eerste periode, waarin wordt volstaan met een waarschuwingsbrief, eerst eindigt nadat de kentekenhouder een waarschuwingsbrief in verband met een eerder na aanvang van deze periode met zijn voertuig verrichte gedraging is toegezonden. Deze invulling strekt ertoe te voorkomen dat aan een betrokkene een sanctie wordt opgelegd, zonder te zijn gewaarschuwd om zijn gedrag aan te passen.
5. In deze zaak moet het ervoor worden gehouden dat ter zake van een eerdere gedraging geen waarschuwingsbrief aan de betrokkene is toegezonden. De ambtenaar heeft verklaard dat het niet mogelijk is om aan buitenlandse kentekenhouders een waarschuwingsbrief te sturen. Gelet hierop is niet voldaan aan de door de gemeente gegeven invulling aan het Beleidskader. De inleidende beschikking kan niet in stand blijven. De overige gronden behoeven daarom geen bespreking meer.
6. De proceskosten komen voor vergoeding in aanmerking. Aan het indienen van het administratief beroepschrift, het indienen van het beroepschrift bij de kantonrechter, het indienen van een hoger beroepschrift en het tweemaal indienen van een nadere toelichting dienen in totaal vier punten te worden toegekend. De gemachtigde is verder twee keer telefonisch gehoord. Het hof zal, met toepassing van artikel 2, derde lid, van het Besluit proceskosten bestuursrecht, voor de eerste keer telefonisch horen in administratief beroep een half punt toekennen, voor de tweede keer 0,25 punt. De waarde per punt bedraagt voor het administratief beroep € 597,- en voor het (hoger) beroep € 837,-. Gelet op de aard van de zaak wordt de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toegepast. Aldus zal het hof de advocaat-generaal veroordelen in de kosten tot een bedrag van
€ 1.777,88 (= 1,75 x € 597,- x 0,5 + 3 x € 837,- x 0,5).