Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De beoordeling
“Ik (…) zag betrokkene als bestuurder van een personenauto rijden terwijl aan de achterzijde van de personenauto op de bumper een fel rood licht scheen in de vorm van een vleugel. Dit licht kon als zeer hinderlijk en verblindend ervaren worden door medeweggebruikers.
Overtreden artikel:
5.2.64 en 5.6.96 RV (…)
Verklaring betrokkene: Het is een soort dagrijverlichting die aangesloten zit op de achterlichten.”
kanworden ervaren is daartoe onvoldoende. Hierbij is in aanmerking genomen dat op de aanwezige foto’s in het dossier te zien is dat het licht op dezelfde wijze brandt als de reguliere achterverlichting. Aldus kan niet worden vastgesteld dat de gedraging is begaan en zal het hof beslissen als hierna vermeld.