ECLI:NL:GHARL:2023:6302
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen oplegging gebiedsverbod tussen echtgenoten
Partijen waren gehuwd en gezamenlijk eigenaar van de echtelijke woning. Na hun echtscheiding, nog niet ingeschreven, legde de voorzieningenrechter aan appellant een gebiedsverbod op rondom de woning vanwege een incident in november 2022 waarbij appellant de woning betrad en vernielingen aanrichtte.
Appellant kwam in hoger beroep tegen het gebiedsverbod en voerde aan dat het middel te ingrijpend was en zijn rechten als mede-eigenaar van de woning beperkte. Geïntimeerde stelde dat het verbod noodzakelijk was vanwege haar angst en de veiligheid in de woning en haar kapsalon aan huis.
Het hof oordeelde dat het gebiedsverbod een ernstige inbreuk op de persoonlijke vrijheid van appellant vormt en dat de door geïntimeerde gestelde angst en incident onvoldoende waren om dit te rechtvaardigen. Er was geen exclusief gebruik van de woning aan geïntimeerde toegekend, waardoor appellant wettelijk recht had op toegang.
Het hof stelde dat minder verstrekkende maatregelen mogelijk zijn, zoals het verzoek om uitsluitend gebruik van de woning toe te kennen aan geïntimeerde en politie-inzet bij betreding door appellant. Daarom vernietigde het hof het vonnis en wees de vordering af, met compensatie van proceskosten tussen partijen.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot oplegging van het gebiedsverbod af en vernietigt het vonnis van de voorzieningenrechter.