ECLI:NL:GHARL:2023:7186

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
24 augustus 2023
Publicatiedatum
24 augustus 2023
Zaaknummer
Wahv 200.322.549/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Van Schuijlenburg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 Besluit proceskosten bestuursrechtArtikel 11 Wahv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging sanctiebeschikking wegens onjuiste kalibratietabel bij snelheidsmeting

De betrokkene werd gesanctioneerd voor een snelheidsovertreding van 27 km/h op de Rijksweg 58 in Tilburg op 28 april 2020. De snelheid werd vastgesteld met een boordsnelheidsmeter van een dienstvoertuig, waarbij correcties werden toegepast op basis van een kalibratietabel.

De gemachtigde van de betrokkene betwistte de juistheid van de meting en stelde dat de gebruikte kalibratietabel niet de juiste was die op het moment van de overtreding gold. Het hof constateerde dat de kalibratietabel in het dossier dateerde van 15 juli 2020, terwijl de geldigheid van de kalibratie tot 11 juli 2020 liep, waardoor deze tabel niet van toepassing kon zijn op de gedraging van 28 april 2020.

Het hof oordeelde dat de juiste kalibratietabel een essentieel stuk is dat in het dossier moet zijn opgenomen en dat het ontbreken daarvan de sanctiebeschikking onvoldoende onderbouwt. De advocaat-generaal had de mogelijkheid gehad de juiste tabel te overleggen, maar heeft daarvan geen gebruik gemaakt. Daarom vernietigde het hof de sanctiebeschikking, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene.

Uitkomst: De sanctiebeschikking wordt vernietigd wegens het ontbreken van de juiste kalibratietabel, en de advocaat-generaal wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.322.549/01
CJIB-nummer
: 233291537
Uitspraak d.d.
: 24 augustus 2023
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 8 februari 2022, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is M.J.M. Bergers, kantoorhoudende te Maastricht.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De gemachtigde van de betrokkene heeft het beroep schriftelijk nader toegelicht.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen daarop te reageren. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 257,- voor: “VL027 - overschrijding maximumsnelheid op autosnelwegen, met 27 km/h”. Deze gedraging zou zijn verricht op 28 april 2020 om 16.00 uur op de Rijksweg 58 (A58) in Tilburg met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. De gemachtigde van de betrokkene trekt de meting van de snelheid in twijfel. In de gegevens in het zaakoverzicht wordt aangegeven dat de ambtenaar op zijn boordsnelheidsmeter een snelheid van 100 kilometer per uur heeft afgelezen. De ambtenaar geeft vervolgens aan dat de afgelezen snelheid op de kalibratietabel 132 kilometer uur is en dat de snelheid na correctie 127 kilometer per uur betreft. Volgens de gemachtigde is de snelheid op de boordsnelheidsmeter 100 kilometer per uur. Dat de ambtenaar thans in 2023 zich herinnert dat hij 140 kilometer per uur heeft afgelezen op zijn boordsnelheidsmeter in april 2020 acht de gemachtigde ongeloofwaardig gezien het tijdsverloop vanaf de vermeende gedraging. De gemachtigde heeft geen kopie van de kalibratietabel ontvangen en wil controleren of de kalibratietabel bij 140 kilometer per uur daadwerkelijk 132 kilometer per uur aangeeft.
3. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens:
“De werkelijke snelheid stelde ik vast m.b.v. de gekalibreerde boordsnelheidsmeter van het dienstvoertuig, door bestuurder met een gelijkblijvende of vrijwel gelijkblijvende tussenafstand te volgen.
Afgelezen snelheid boordsnelheidsmeter: 100.
Snelheid volgens kalibratietabel: 132.
Werkelijke (gecorrigeerde) snelheid: 127.
Toegestane snelheid: 100.
Overschrijding met: 27.
Meetafstand: 1000 m.
Tussenafstand: 250 m.
Goedkeuring kalibratie boordsnelheidsmeter geldig tot: 11-07-2020”.
4. De advocaat-generaal heeft een aanvullend proces-verbaal d.d. 24 april 2023 overgelegd. Hierin verklaart de ambtenaar:
“Abusievelijk is bij het opmaken van het proces-verbaal met nummer (…) bij de afgelezen snelheid boordsnelheidsmeter 100 km/uur aangegeven. Dit moet zijn 140 km/uur. Waarna de volgende waarden ontstaan.
Afgelezen snelheid boordsnelheidsmeter: 140 km/uur
Snelheid volgens de kalibratietabel: 132 km/uur
Na correctietabel -5 km/uur: 127 km/uur
Netto is dit een overschrijding van 27 km/uur.”
5. Het dossier bevat een kalibratietabel met als datum 15 juli 2020.
6. Het is vaste rechtspraak van het hof dat de stukken waarin de voor de sanctieoplegging relevante gegevens (moeten) zijn vermeld en de stukken die de ambtenaar voor de oplegging van de sanctie heeft gebruikt, als op de zaak betrekking hebbende stukken deel moeten uitmaken van het dossier (vgl. het arrest van het hof van 2 februari 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:1050). Het is het hof ambtshalve bekend dat voor een politievoertuig een unieke tabel wordt opgesteld, waarmee eventuele afwijkingen tussen de snelheid op de boordsnelheidsmeter en de werkelijke rijsnelheid (na kalibratie) achteraf kunnen worden gecorrigeerd. Voor het vaststellen van de gedraging en daarmee het bepalen van het sanctiebedrag is de kalibratietabel in een situatie als deze, waarin bij de snelheidsmeting gebruik is gemaakt van de boordsnelheidsmeter van het dienstvoertuig, dan ook van belang. Aangezien de kalibratietabel is gebruikt voor het vaststellen van de gedraging en daarmee voor de oplegging van de sanctie, is dit een op de zaak betrekking hebbend stuk dat zich in het dossier behoort te bevinden (vgl. de arresten van het hof van 3 november 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:10254 en 24 januari 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:475).
7. Uit de gegevens in het zaakoverzicht blijkt dat de boordsnelheidsmeter van het dienstvoertuig was gekeurd en gekalibreerd met een geldigheidsduur tot 11 juli 2020. Uit de zich in het dossier bevindende kalibratietabel blijkt echter dat de kalibratie op 15 juli 2020 heeft plaatsgevonden. Deze kalibratietabel kan dan ook niet de kalibratietabel zijn die op het moment van de gedraging van toepassing was. Het hof zal de advocaat-generaal niet in de gelegenheid stellen om de juiste kalibratietabel alsnog over te leggen. De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gehad dat bij het uitbrengen van het verweerschrift te doen maar heeft van die gelegenheid geen gebruik gemaakt. Het hof zal aan het ontbreken van de juiste kalibratietabel de gevolgtrekking verbinden dat de inleidende beschikking dient te worden vernietigd. Hetgeen overigens door de gemachtigde is aangevoerd, behoeft geen bespreking meer.
8. Het hof zal als volgt beslissen.
9. De proceskosten komen voor vergoeding in aanmerking. Aan het indienen van het administratief beroepschrift, het beroepschrift bij de kantonrechter, het hoger beroepschrift en de nadere toelichting dienen in totaal 3,5 punten te worden toegekend. Het hof zal, met toepassing van artikel 2, derde lid, van het Besluit proceskosten bestuursrecht, voor de eerste telefonische hoorzitting in administratief beroep d.d. 12 augustus 2020 een half punt en voor de nadere telefonische hoorzitting in administratief beroep d.d. 10 november 2020 een kwart punt toekennen. De waarde per punt bedraagt voor het administratief beroep € 597,- en voor het (hoger) beroep € 837,-. Gelet op de aard van de zaak wordt de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toegepast. Aldus zal het hof de advocaat-generaal veroordelen in de kosten tot een bedrag van € 1.568,63 (= (1,75 x € 597,- x 0,5) + (2,5 x € 837,- x 0,5)).

De beslissing

Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;
vernietigt de beslissing van de officier van justitie, alsmede de beschikking waarbij onder voormeld CJIB-nummer de administratieve sanctie is opgelegd;
bepaalt dat hetgeen door de betrokkene op de voet van artikel 11 van Pro de Wahv tot zekerheid is gesteld door de advocaat-generaal wordt gerestitueerd;
veroordeelt de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene tot een bedrag van € 1.568,63.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Koldenhof-ten Kate als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.