De betrokkene kreeg een sanctie van €95 opgelegd voor het parkeren zonder parkeerschijf in een blauwe zone op de Plats in Echt. Hij voerde aan dat hij het zonebord niet was gepasseerd omdat hij via een alternatieve route (Bovenstestraat) was gekomen, waar geen bord stond. De advocaat-generaal stelde dat de enige toegestane route via het Vrijthof was, waar het bord wel stond.
Het hof concludeerde dat de betrokkene tegen de verplichte rijrichting was ingereden door via de Bovenstestraat te rijden, een éénrichtingsweg. Hierdoor kwam het feit dat hij het bord niet had gezien voor zijn rekening. De overtreding was daarmee terecht vastgesteld.
Het hof stelde ambtshalve vast dat de redelijke termijn van berechting was overschreden en matigde daarom de sanctie met 25%, waardoor het bedrag werd verlaagd naar €71,25. Tevens werd de proceskostenvergoeding aan de betrokkene toegekend. Het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie werd gegrond verklaard en de eerdere beslissing vernietigd.