ECLI:NL:GHARL:2024:1722
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof matigt sanctie voor parkeren op gehandicaptenparkeerplaats wegens persoonlijke omstandigheden
De betrokkene werd bij een inleidende beschikking beboet voor het parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats zonder het juiste voertuig te gebruiken. De oorspronkelijke sanctie bedroeg €400, later gewijzigd naar €310 door de officier van justitie. De betrokkene stelde in hoger beroep dat hij niet aanwezig was bij de zitting vanwege een medische ingreep en voerde aan dat de situatie rondom gehandicaptenparkeerplaatsen onduidelijk is en dat hij de boete financieel niet kan dragen.
Het hof oordeelde dat de afwezigheid van betrokkene bij de kantonrechter geen negatieve gevolgen heeft en dat de kantonrechter voldoende gemotiveerd heeft waarom het beroep ongegrond werd verklaard. De feiten waren duidelijk: betrokkene parkeerde op 6 november 2021 om 13.24 uur op een gehandicaptenparkeerplaats bestemd voor een ander voertuig. De bebording was duidelijk zichtbaar op de door de ambtenaar gemaakte foto's.
Hoewel de betrokkene de overtreding niet ontkende, matigde het hof het sanctiebedrag tot €155 vanwege zijn persoonlijke en financiële omstandigheden, die met stukken waren onderbouwd. Het hof wees erop dat het CJIB mogelijkheden biedt voor betalingsregelingen. De eerdere beslissing van de kantonrechter werd vernietigd, evenals de beslissing van de officier van justitie, en het beroep werd gedeeltelijk gegrond verklaard.
Uitkomst: Het gerechtshof matigt de boete voor het parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats tot €155 wegens persoonlijke en financiële omstandigheden.