Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
De tenlastelegging
zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 3 juni 2018 tot en met
zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 3 juni 2018 tot 31 december 2020 te [plaats 2] en/of [plaats 3] en/of [plaats 4] en/of [plaats 5] en/of [plaats 6] en/of [plaats 7] en/of [plaats 1] , althans in Nederland,
Bewijs
Bewijsoverwegingen
Bewezenverklaring
zij op tijdstippen in de periode van 3 juni 2018 tot en met 31 december 2020 te [plaats 1] en/of [plaats 2] , althans in Nederland, opzettelijk en wederrechtelijk in een (gedeelte van) een geautomatiseerd werk, te weten de server(s) van de (beveiligde) internetbankierenomgeving van een bank ( [banknaam 1] ) is binnengedrongen door het aannemen van een valse hoedanigheid, te weten de hoedanigheid van een geautoriseerde klant, te weten mevrouw [benadeelde] , immers heeft zij, verdachte, door zich te identificeren als [benadeelde] en na ontvangst van een activatiecode (telkens) met verkregen inloggegevens, bankrekeningnummers, wachtwoorden en/of gebruikersnamen zich de toegang verschaft tot deze server (s) van die (beveiligde) internetbankierenomgeving van die bank ( [banknaam 1] );
zij op tijdstippen in de periode van 3 juni 2018 tot 31 december 2020 te [plaats 2] en [plaats 3] en [plaats 4] en [plaats 5] en [plaats 6] en [plaats 7] en [plaats 1] , geldbedragen (van in totaal € 48.399,07), die geheel aan [benadeelde] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte die weg te nemen geldbedragen onder haar bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, te weten door met onrechtmatig verkregen pincodes pintransacties te doen.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
€ 1.819,72-/-
€ 46.022,35
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
€ 46.002,35 (zesenveertigduizend twee euro en vijfendertig cent) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.