ECLI:NL:GHARL:2024:2212
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak arts wegens ontbreken bewijs opzettelijk valse verklaring overlijden
De zaak betreft een hoger beroep tegen de vrijspraak door de politierechter van een arts die werd verdacht van het opzettelijk afgeven van een valse verklaring van overlijden. De officier van justitie vorderde een voorwaardelijke taakstraf, stellende dat de arts niet overtuigd kon zijn van een natuurlijke doodsoorzaak.
De verdachte had op 17 augustus 2020 een verklaring van overlijden afgegeven voor een 96-jarige patiënt die rustig en zonder aanwijzingen van niet-natuurlijke dood was overleden. De verdachte baseerde haar oordeel op haar professionele ervaring en de omstandigheden ter plaatse, ondanks het verhaal van een kleindochter over het innemen van een giftig insecticide.
Toxicologisch onderzoek wees uit dat er inderdaad giftige stoffen aanwezig waren, maar het hof vond onvoldoende bewijs dat de verdachte bewust een valse verklaring had afgegeven. Het hof oordeelde dat de verdachte redelijkerwijs kon aannemen dat sprake was van een natuurlijke dood en sprak haar vrij van het tenlastegelegde.
Uitkomst: De verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van overtuigend bewijs dat zij opzettelijk een valse verklaring van overlijden heeft afgegeven.