Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De advocaat-generaal is vertegenwoordigd door [naam1] .
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de beslissing van de kantonrechter die zijn beroep tegen een administratieve sanctie wegens het negeren van een verplichte rijrichting niet-ontvankelijk verklaarde wegens het niet tijdig stellen van zekerheid. Het hof stelde vast dat de zekerheid wel tijdig was gesteld, waardoor de niet-ontvankelijkverklaring onterecht was.
De sanctie van €100,- werd door de advocaat-generaal met 25% gematigd wegens schending van de hoorplicht, waardoor het bedrag op €75,- kwam. De betrokkene voerde aan dat hij de verplichte rijrichting had gevolgd en dat er geen foto van de overtreding in het dossier zat. De ambtenaar verklaarde echter dat de betrokkene het bord D5 had genegeerd en een verboden rijrichting had gevolgd.
Het hof oordeelde dat een verklaring van een ambtenaar voldoende bewijs kan vormen en dat de enkele ontkenning van de betrokkene onvoldoende is om aan die verklaring te twijfelen. Daarom werd het beroep tegen de sanctiebeslissing ongegrond verklaard. Wel werd de proceskostenvergoeding van €58,80 toegekend voor de reiskosten van de betrokkene voor de zitting in hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de sanctiebeslissing wordt ongegrond verklaard, met matiging van het sanctiebedrag en toekenning van proceskostenvergoeding.