Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beschikking van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De Minister voor Rechtsbescherming heeft een verweerschrift ingediend.
De zaak is behandeld op de zitting van 9 april 2024. De betrokkene is verschenen. Als gemachtigde van de Minister is verschenen [naam1] .
De beoordeling
In het dossier bevindt zich een afschrift van het op 13 augustus 2020 uitgevaardigde dwangbevel. Het dossier bevat echter niet een afschrift van het exploot van betekening. Bij brief van 4 januari 2022 heeft de griffier van de rechtbank de betrokkene erop gewezen dat bij zijn verzetschrift geen kopie is gevoegd van het betekeningsexploot van de deurwaarder. De griffier heeft hem in de gelegenheid gesteld binnen veertien dagen na verzending van deze brief dit verzuim te herstellen. De betrokkene heeft in reactie op deze brief op 11 januari 2022 een stuk van de deurwaarder overgelegd waarin is vermeld dat op 18 oktober 2021 een proces-verbaal is betekend waaruit blijkt dat er executoriaal beslag is gelegd op het voertuig van de betrokkene. De betrokkene heeft ter zitting (opnieuw) aangegeven dat hij geen dwangbevel heeft ontvangen en pas op de hoogte is geraakt van het dwangbevel toen hij bericht ontving dat er beslag was gelegd op zijn voertuig. Toen heeft hij meteen verzet ingesteld.