Uitspraak
GKB,
[geïntimeerde],
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.Het oordeel van het hof
€ 16.161,59. Die uitkering is door GKB met een saneringskrediet gefinancierd. De sanering is daarmee succesvol uitgevoerd.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele procedure staat een lening centraal die de Gemeentelijke Kredietbank (GKB) in het kader van een schuldsaneringstraject aan geïntimeerde heeft verstrekt. GKB vordert nakoming van de kredietovereenkomst en betaling van het restant van de lening inclusief wettelijke rente. De kantonrechter had de vordering afgewezen en de kredietovereenkomst vernietigd wegens niet-naleving van consumentenbeschermingsregels.
Het hof overweegt dat de kredietovereenkomst valt onder de uitzondering van artikel 7:58 lid 2 onder Pro j BW, waardoor de strengere consumentenbescherming niet van toepassing is. GKB heeft het krediet verstrekt als onderdeel van gemeentelijke schuldhulpverlening tegen een lagere rente dan marktconform. Gezien de omstandigheden, waaronder de omvang van de schuldenlast en de sanering, is vernietiging van de overeenkomst niet gerechtvaardigd.
Het hof wijst de vordering van GKB toe tot betaling van € 5.372,39 vermeerderd met wettelijke rente vanaf 2 september 2021, met aftrek van een betaling van € 512,11. De hogere rente van 9,6% wordt niet toegewezen. Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten bij de kantonrechter, terwijl GKB de kosten van het hoger beroep draagt wegens onnodige procedurele handelingen. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van GKB toe en veroordeelt geïntimeerde tot betaling van € 5.372,39 met wettelijke rente vanaf 2 september 2021.