Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
die een verzoek in hoger beroep doet,
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
Partijen hebben de rechtbank verzocht in de beschikking een termijn van acht weken te vermelden waarbinnen de man de gelegenheid krijgt om de woning over te nemen.
een verklaring van de hypotheekadviseur dan wel bank van de man dat de financiering
een verklaring van de bank waaruit blijkt dat de man de voor de financiering
primairde cryptovaluta aan de man toedeelt tegen een waarde van € 67.022,83 onder de verplichting van de man om aan de vrouw € 33.511,42 te voldoen,
subsidiairde op de peildatum aanwezige cryptovaluta bestaande uit de in de tabel onder sub 19 van het beroepschrift opgenomen cryptovaluta en aantallen, worden toegedeeld aan de man tegen de waarde van de cryptovaluta op de peildatum verdeling, te weten de datum van de te geven beschikking, onder de verplichting van de man om de helft van die waarde aan de vrouw te voldoen;
primairbij tussenbeschikking bepaalt dat de vrouw alsnog inzage moet geven in al
subsidiairbepaalt dat de vrouw aan de man wegens benadeling van de gemeenschap € 10.500 moet voldoen,
meer subsidiairbepaalt dat de benadelingsvordering van de man gelijk wordt gesteld aan de benadelingsvordering van de vrouw – welke door de rechtbank is vastgesteld – waardoor partijen over en weer op dit punt geen bedrag meer aan elkaar verschuldigd zijn.