Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
- de beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 augustus 2015 met een daaraan gerelateerde vordering van € 105.885,16,
- het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 12 juli 2022 in samenhang met de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 5 februari 2020 met een daaraan gerelateerde vordering van € 924.506,- en
- de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 5 oktober 2020 met een daaraan gerelateerde vordering van € 12.060,13
- de termijn waarbinnen de lijfsdwang kan worden ten uitvoer gelegd te bepalen op 365 dagen;
- met veroordeling van de man in de kosten van dit geding aangezien de vrouw onnodig kosten moet maken.