Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
Midden-Nederland van 13 november 2023, betreffende
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de beslissing van de kantonrechter die het beroep gedeeltelijk gegrond verklaarde en de sanctie matigde tot €187,50, maar het verzoek om proceskostenvergoeding afwees vanwege samenhang met een andere zaak.
De betrokkene voerde aan dat de werkzaamheden niet nagenoeg identiek waren en dat de dossiers en gronden verschilden, maar het hof oordeelde dat de zaken dezelfde gedraging betroffen, met gelijke strekking van de aangevoerde gronden en gelijktijdige behandeling op dezelfde zitting.
Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) worden samenhangende zaken als één zaak beschouwd voor proceskostenvergoeding. Het hof kon niet beschikken over het dossier van de andere zaak, maar op basis van de stukken concludeerde het dat de werkzaamheden nagenoeg identiek waren.
Daarom bevestigde het hof de beslissing van de kantonrechter en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. Het arrest werd gewezen door mr. Wijma en uitgesproken op een openbare zitting.
Uitkomst: Het hof bevestigt de afwijzing van het verzoek om proceskostenvergoeding wegens samenhang met een andere zaak.