ECLI:NL:GHARL:2024:4698
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen vergoedingsrecht voor schenkingen tijdens affectieve relatie na ontbinding overeenkomst
Partijen hadden een affectieve relatie met gezamenlijke huishouding van 2004 tot 2021 en sloten in 2008 een samenlevingsovereenkomst. Na beëindiging van de relatie ontstond een geschil over de verdeling van de gemeenschap, met name over schenkingen ontvangen tijdens de relatie.
De man vorderde nakoming van een overeenkomst uit 2021 en betaling van een bedrag wegens schenkingen. Het hof oordeelde dat de overeenkomst ontbonden was nadat de vrouw dit had verklaard na een wijzigingsvoorstel van de man, waardoor nakoming niet meer mogelijk was.
Verder stelde de man een vergoedingsrecht te hebben voor schenkingen die hij als privévermogen beschouwde, gebruikt voor de woning. Het hof vond onvoldoende bewijs dat de schenkingen privé waren of dat deze waren besteed aan de woning, en wees de vordering af.
Het hoger beroep werd afgewezen en het vonnis van de rechtbank bevestigd. Vanwege de familieverhoudingen draagt elke partij zijn eigen kosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot betaling van schenkingen af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.