ECLI:NL:GHARL:2024:4747

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
17 juli 2024
Publicatiedatum
17 juli 2024
Zaaknummer
200.337.889/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Sekeris
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging boete voor door rood rijden ondanks onzichtbaar roodlicht op foto

De betrokkene kreeg een boete van €250 opgelegd voor het door rood rijden op 7 september 2022 op de N203 te Krommenie. De betrokkene stelde dat het rode licht op de flitsfoto’s niet zichtbaar was, waardoor de overtreding niet bewezen kon worden.

De advocaat-generaal verwees naar eerdere jurisprudentie en stelde dat de elektronische gegevens in de databalken onder de foto’s alleen worden weergegeven als het verkeerslicht daadwerkelijk rood was. Ondanks dat het rode licht door zonlicht niet zichtbaar was op de foto’s, kon op basis van deze gegevens worden vastgesteld dat het verkeerslicht rood straalde.

Het hof oordeelde dat de betrokkene onvoldoende concrete argumenten had aangevoerd die twijfel aan de juistheid van de gegevens konden rechtvaardigen. Daarom werd de beslissing van de kantonrechter bevestigd en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.

Uitkomst: De boete van €250 voor door rood rijden wordt bevestigd en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.337.889/01
CJIB-nummer
: 252381442
Uitspraak d.d.
: 17 juli 2024
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank
Noord-Holland van 5 januari 2024, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is mr. M. Lagas, kantoorhoudende te Amsterdam.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De gemachtigde van de betrokkene heeft de gelegenheid gekregen het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 250,- voor: “doorrijden bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat”. Deze gedraging zou zijn verricht op 7 september 2022 om 07.47 uur op de N203 in Krommenie met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. De gemachtigde van de betrokkene ontkent de gedraging. Volgens hem is de betrokkene niet door rood gereden. Op de flitsfoto’s is niet te zien dat het stoplicht voor rechtdoor op rood stond. Dit betekent dat de gedraging niet kan worden bewezen en dus niet kan worden vastgesteld, aldus de gemachtigde.
3. De advocaat-generaal voert onder meer aan dat op de foto’s, vanwege het tegenlicht, niet duidelijk zichtbaar is dat het verkeerslicht rood licht uitstraalde. Dit doet echter niet af aan het feit dat op basis van de foto’s en de verklaring van de ambtenaar kan worden vastgesteld dat de gedraging is verricht. Hierbij verwijst de advocaat-generaal naar een arrest van dit hof van 14 december 2018 (ECLI:NL:GHARL:2018:10903).
4. Dat de gedraging is verricht, moet voldoende blijken uit de beschikbare gegevens. Of van de juistheid van deze gegevens kan worden uitgegaan, is ervan afhankelijk of de betrokkene argumenten heeft aangevoerd die leiden tot twijfel aan de juistheid van (delen van) die gegevens dan wel het dossier daar aanleiding toe geeft.
5. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens:
“De overtreding is met roodlichtapparatuur geautomatiseerd op twee digitale foto’s vastgesteld.
Foto 1: Het betreffende voertuig activeert de radardetectie of de lus achter de stopstreep van het rode verkeerslicht. Op het moment van constatering brandde het rode licht 1.6 seconden.
Foto 2: Circa een seconde later. Op foto 2 is duidelijk te zien dat het voertuig verder is gereden.
De tijdsduur van de geellichtfase is op de foto vermeld. Doordat de overtreding met een flitspaal is geconstateerd bestond er geen reële mogelijkheid tot staandehouding van de bestuurder. Daarom is op kenteken bekeurd. De overtreding werd geautomatiseerd vastgelegd met een goedgekeurd snelheidsmiddel bestaande uit een lus detector in combinatie met een flitspaal.”
6. In het dossier bevinden zich twee foto’s van de gedraging. Op de eerste foto is het voertuig van de betrokkene te zien met zijn achterwielen ter hoogte van de stopstreep. Op de tweede foto is te zien dat het voertuig verder is gereden en zich op de kruising bevindt. Uit de databalken zowel boven als onder de foto’s volgt dat het verkeerslicht op de eerste foto 1,63 seconden en op de tweede foto 3,08 seconden rood licht had uitgestraald. De geeltijd was 3,5 seconden. Op de foto’s van de gedraging is het betreffende verkeerslicht voor rechtdoor gaand verkeer (de tweede rijstrook van links) niet te zien. Waarschijnlijk door zonlicht is er een witte vlek op de plek waar het verkeerslicht hangt. Het verkeerslicht voor linksaf is wel te zien op de foto’s en straalt op beide foto’s rood licht uit.
7. De omstandigheid dat het rode licht niet is waar te nemen op de afdrukken van de foto’s betekent naar het oordeel van het hof niet dat het verkeerslicht niet rood uitstraalde ten tijde van de gedraging. Daartoe wijst het hof op de elektronische gegevens bij de databalk die alleen worden weergegeven als het betreffende verkeerslicht daadwerkelijk op rood staat (vergelijk de arresten van het hof van 13 september 2016 en 14 december 2018, gepubliceerd op rechtspraak.nl, te vinden onder de nummers ECLI:NL:GHARL:2016:7306 en 2018:10903). Op basis van de gegevens bij de foto’s alleen kan al worden vastgesteld dat het verkeerslicht ten tijde van de gedraging rood licht uitstraalde. Gelet hierop kan worden vastgesteld dat de gedraging is verricht. De stelling van de gemachtigde treft dan ook geen doel.
8. Gelet op het voorgaande zal het hof de beslissing van de kantonrechter bevestigen en het verzoek om toekenning van een proceskostenvergoeding afwijzen.

De beslissing

Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Dit arrest is gewezen door mr. Sekeris, in tegenwoordigheid van mr. Reuver als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.