Uitspraak
[verzoeker] ,
verzoeker in hoger beroep,
[verweerster] ,
- de vader, bijgestaan door mr. M.H. Aalmoes als waarnemer van mr. Schouten
- de moeder bijgestaan door mr. Vermeer
- [naam1] namens de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de raad)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In hoger beroep heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de beschikking van de rechtbank Gelderland vernietigd die het gezamenlijk gezag van de ouders over de minderjarige beëindigde en aan de moeder alleen het gezag toekende.
De feitelijke situatie was gewijzigd doordat de minderjarige sinds januari 2024 feitelijk bij de vader woont, terwijl de moeder geen contact meer heeft met het kind en ook weigert contact met de vader. De moeder oefent formeel wel het gezag uit, maar kan dit niet of onvoldoende invullen door het ontbreken van contact.
Het hof oordeelt dat deze situatie ongewenst is omdat onduidelijk is wie verantwoordelijk is voor het welzijn van de minderjarige, zeker nu de vader de verzorging op zich neemt zonder formeel gezag. Ook speelt mee dat beide ouders het verzoek tot ondertoezichtstelling steunen, waarbij het van belang is dat zij juridisch gelijk worden behandeld.
Gezien deze omstandigheden en de gewijzigde feitelijke situatie acht het hof herstel van het gezamenlijk gezag het beste. Mocht de situatie wijzigen of het gezamenlijk gezag niet goed functioneren, dan kan opnieuw naar de situatie worden gekeken. De beslissing van de rechtbank wordt vernietigd en het gezamenlijk gezag wordt hersteld.
Uitkomst: Het hof vernietigt het besluit tot beëindiging van het gezamenlijk gezag en bepaalt dat ouders weer samen het gezag over de minderjarige uitoefenen.