ECLI:NL:GHARL:2024:5826
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing kantonrechter wegens onvoldoende behandeling draagkrachtverweer in Wahv-procedure
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie in een zaak op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de betrokkene niet tijdig zekerheid had gesteld voor de sanctie en administratiekosten.
De betrokkene gaf in het beroep aan niet te kunnen betalen, wat het hof kwalificeert als een draagkrachtverweer. Volgens artikel 11 Wahv Pro moet zekerheid worden gesteld, maar dit mag niet leiden tot belemmering van toegang tot de rechter, zoals beschermd door artikel 6 EVRM Pro. Bij een tijdig en gegrond draagkrachtverweer dient de kantonrechter de betrokkene uit te nodigen voor een zitting om het verweer toe te lichten en kan de zekerheid worden verminderd of komen te vervallen.
De kantonrechter heeft dit niet gedaan, waardoor het hof de beslissing vernietigt en de zaak terugverwijst naar de rechtbank. De kantonrechter moet bij de herbehandeling de betrokkene uitnodigen om het draagkrachtverweer toe te lichten. Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat de betrokkene niet in het gelijk is gesteld.
Het arrest is gewezen door mr. Wijma en uitgesproken op een openbare zitting.
Uitkomst: De beslissing van de kantonrechter wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor behandeling met inachtneming van het draagkrachtverweer.