Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De advocaat-generaal is vertegenwoordigd door [naam1] .
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene was gesanctioneerd met een boete van €100 wegens het rijden in een milieuzone waar een geslotenverklaring van toepassing is. De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond en wees een verzoek om proceskostenvergoeding af. De betrokkene stelde hoger beroep in tegen deze beslissing en verzocht om behandeling op zitting.
Tijdens de procedure stelde de betrokkene dat hij niet correct was opgeroepen voor de zitting bij de kantonrechter. Het hof constateerde dat de oproep weliswaar correct geadresseerd was, maar dat de rechtbank geen deugdelijke verzendadministratie had en de oproep niet aangetekend was verzonden. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de betrokkene behoorlijk was opgeroepen, wat in strijd is met artikel 12, eerste lid, van de Wahv.
Het hof vernietigde daarom de beslissing van de kantonrechter en behandelde vervolgens het beroep tegen de sanctie zelf. De betrokkene voerde aan dat de geslotenverklaring van de milieuzone in strijd zou zijn met Europees recht en dat prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie gesteld hadden moeten worden. Het hof oordeelde dat het beperken van het gebruik van de openbare weg door de wegbeheerder niet evident in strijd is met rechtstreeks werkende bepalingen van Europees recht en zag geen aanleiding voor prejudiciële vragen.
Uiteindelijk verklaarde het hof het beroep tegen de sanctie van €100 ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. De zaak werd op 27 november 2024 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandeld en het arrest werd op die datum gewezen.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het beroep tegen de sanctie van €100 ongegrond en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.