ECLI:NL:GHARL:2025:1832
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek wegens te late indiening tegen raadsheer
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen raadsheer-commissaris mr. H.L. Wattel, omdat deze eerder betrokken was bij een andere procedure waarin verzoeker een afwijzing had gekregen. Het verzoek werd pas bijna vier maanden nadat verzoeker op de hoogte was van deze betrokkenheid ingediend.
De wrakingskamer oordeelde dat het verzoek te laat was ingediend, omdat de feiten en omstandigheden die aanleiding gaven voor wraking reeds bij de mondelinge behandeling op 6 september 2024 bekend waren. Het later doordringen van de implicaties van deze feiten rechtvaardigde geen uitstel.
Verzoeker had aanvankelijk zelf het verzoek ingediend, maar moest dit uiteindelijk via een advocaat doen. De wrakingskamer vond de termijn van bijna vier maanden te lang, ook rekening houdend met de wisseling van advocaat.
Daarom werd verzoeker niet-ontvankelijk verklaard en is niet inhoudelijk op het wrakingsverzoek ingegaan. De beslissing werd op 28 maart 2025 openbaar uitgesproken door de wrakingskamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.