De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor zware mishandeling van een agent, belemmering van politiehandelingen, wederspannigheid en belediging tijdens oud en nieuw 2021-2022. Het hof bevestigt de bewezenverklaring en de vrijspraak voor een ander feit, maar vernietigt de strafoplegging van de rechtbank.
Tijdens de zitting bleek dat de verdachte agenten meerdere keren tegen het hoofd had geschopt om de aanhouding van zijn zoon te belemmeren. Dit leidde tot ernstige fysieke en emotionele gevolgen voor het slachtoffer. De verdachte toonde weinig zelfreflectie en was fors onder invloed van alcohol, wat het hof niet als verzachtende omstandigheid beschouwde.
Het hof achtte de door de rechtbank opgelegde straf te laag gelet op de ernst van de feiten en de maatschappelijke impact. Na afweging van de omstandigheden en rekening houdend met een overschrijding van de redelijke termijn, legde het hof een gevangenisstraf van 15 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar, met aftrek van het voorarrest.
De vorderingen van de benadeelde partijen tot schadevergoeding werden door het hof bevestigd zoals door de rechtbank eerder bepaald. Het hof verklaarde zowel het openbaar ministerie als de verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep tegen de vrijspraak van een ander feit.
De uitspraak onderstreept het belang van bescherming van hulpverleners en het onaanvaardbare karakter van geweld tegen politiefunctionarissen, zeker in een context van openbare orde tijdens feestdagen.