Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 29 april 2025 uitspraak gedaan in hoger beroep over de bewindstelling van verzoekster, ingesteld door de kantonrechter Gelderland. De ouders van verzoekster hadden het bewind aangevraagd wegens haar geestelijke of lichamelijke toestand die haar vermogenbeheer belemmert.
Verzoekster was het niet eens met de bewindstelling en stelde vier grieven in hoger beroep. Tijdens de mondelinge behandeling bleek dat verzoekster weinig inzicht heeft in haar financiële situatie en niet in staat is haar geldzaken te regelen. Ondanks haar stelling dat zij altijd zelf haar financiën beheerde, bleek uit het dossier en verklaringen dat zij tijdens haar huwelijk een budget kreeg vanwege een hoog uitgavenpatroon en er betalingsachterstanden waren.
De bewindvoerder bevestigde dat er openstaande rekeningen waren en dat verzoekster niet zelfstandig de benodigde stappen kan zetten voor uitgaven, zoals voor woninginrichting. Tevens waren er zorgen over haar weerbaarheid tegen verzoeken van derden om geld. Het hof oordeelde dat de bewindstelling terecht is en dat voortzetting ervan noodzakelijk is. De beschikking van de kantonrechter werd dan ook bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de bewindstelling over de goederen van verzoekster wegens haar geestelijke toestand die haar vermogenbeheer belemmert.