Uitspraak
de verzoeker,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In een strafzaak bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft de verdachte een wrakingsverzoek ingediend tegen drie rechters van de meervoudige strafkamer. Het verzoek was voorwaardelijk en betrof de situatie dat de bezwaren van de verdachte niet als een bezwaarschrift zouden worden aangemerkt.
Tijdens de mondelinge behandeling op 14 april 2025 werd het wrakingsverzoek ingediend, waarna de behandeling werd geschorst. Zowel de rechters als de verdachte maakten geen gebruik van de mogelijkheid om gehoord te worden. Het verzoek werd tijdig ingediend en ontvankelijk verklaard.
De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek niet kon slagen omdat de feiten of omstandigheden waarop het verzoek was gebaseerd zich nog niet hadden voorgedaan. Daarom werd het verzoek afgewezen. De beslissing werd op 19 mei 2025 in het openbaar uitgesproken door de wrakingskamer bestaande uit J. Hielkema, R.E. Weening en M.A.F. Veenstra.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters is afgewezen wegens het ontbreken van een actuele wrakingsgrond.