Uitspraak
1.Het hoger beroep
2.Onderzoek van de zaak
3.Ontvankelijkheid van verdachte en omvang van het hoger beroep
4.Het vonnis waarvan beroep
5.De tenlastelegging
hij op een of meer verschillende tijdstippen in of omstreeks de periode van 13 september 2018 tot 08 mei 2019 in na te noemen plaats(en) en/of gemeente(n), in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, de hierna te noemen aangever(s)/gedupeerde(n) en/of op en/of in hierna te noemen plaats(en) en/of datum/data en/of periode(s), te weten:
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 13 september 2018 tot 08 mei 2019, te [plaats 2] , althans in Nederland, voorwerpen, te weten geld, heeft verworven, voorhanden gehad, overgedragen en/of omgezet en/of van voorwerpen, te weten geld gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist dat die voorwerpen geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf, en hij van het plegen van dit feit een gewoonte heeft gemaakt.
6.Overweging met betrekking tot het bewijs
7.Bewezenverklaring
hij op verschillende tijdstippen in de periode van 9 november 2018 tot 08 mei 2019 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, meermalen, telkens met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, de hierna te noemen aangevers/gedupeerden en op hierna te noemen datum/data en periode, te weten:
hij op tijdstippen in de periode van 9 november 2018 tot 08 mei 2019 te [plaats 2] , voorwerpen, te weten geld, heeft verworven, voorhanden gehad, overdragen en omgezet terwijl hij wist dat die voorwerpen geheel - onmiddellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf, en hij van het plegen van dit feit een gewoonte heeft gemaakt.
8.Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
9.Strafbaarheid van de verdachte
10.Oplegging van straf
11.Vorderingen van de benadeelde partijen
12.Toepasselijke wettelijke voorschriften
spreektde verdachte daarvan
vrij.
kwalificeertdit als hiervoor vermeld en
verklaartde verdachte strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
28 (achtentwintig) maanden.
toetot na te noemen bedragen, waarvoor verdachte steeds met de mededaders hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
opom aan de Staat, ten behoeve van de slachtoffers zoals hieronder opgenomen, ter zake van de onder 1 bewezenverklaarde na te noemen bedragen als vergoeding voor materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.