ECLI:NL:GHARL:2025:3602
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete voor gebruik verdrijvingsvlak ondanks betwisting definitie
De betrokkene kreeg een boete van €250 opgelegd wegens het gebruik van een verdrijvingsvlak op de Pelsterstraat in Groningen op 30 november 2022. De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond. De betrokkene stelde in hoger beroep dat het weggedeelte geen verdrijvingsvlak was, maar verwees naar een arrest waarin ook naar de functionele betekenis van wegmarkeringen werd gekeken.
Het hof overwoog dat een verdrijvingsvlak volgens artikel 1 van Pro het RVV 1990 wordt gedefinieerd als een gedeelte van de rijbaan met schuine strepen. Het voertuig stond op zo'n gedeelte, waardoor het gebruik ervan verboden is volgens artikel 77, eerste lid, in samenhang met artikel 62 RVV Pro 1990. Het hof maakte onderscheid met puntstukken, die een andere definitie en functie hebben.
Omdat het doel van het verdrijvingsvlak niet relevant is voor het vaststellen van de overtreding, bevestigde het hof de beslissing van de kantonrechter. Het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen. Het arrest werd gewezen door mr. De Witt en uitgesproken in een openbare zitting.
Uitkomst: De boete van €250 voor het gebruik van een verdrijvingsvlak wordt bevestigd en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.