Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in principaal hoger beroep,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft een geschil over het ouderlijk gezag over een minderjarige geboren in 2014. De ouders hadden gezamenlijk gezag, maar de rechtbank had bij beschikking van 3 september 2024 het gezamenlijk gezag beëindigd en het gezag aan de vader toegekend. De moeder kwam hiertegen in hoger beroep met meerdere grieven, waaronder bezwaren tegen het ontbreken van een bijzondere curator en het procesverloop. Het hof verwees naar de eerdere beschikking waarin het verzoek om een bijzondere curator werd afgewezen.
Tijdens de procedure heeft het hof het kind gehoord en brieven van het kind ontvangen, en vond een mondelinge behandeling plaats met aanwezigheid van beide ouders, hun advocaten, een vertegenwoordiger van de gecertificeerde instelling en de raad voor de kinderbescherming. De moeder voerde aan dat het gezamenlijk gezag het uitgangspunt moet zijn en dat de communicatieproblemen niet voldoende zijn om het gezag te wijzigen. De vader stelde dat de moeder niet bereid is tot samenwerking en dat het belang van het kind beter gediend is met een enkelvoudig gezag bij hem.
De raad adviseerde het hof om de beschikking van de rechtbank te bekrachtigen, vanwege het klem zitten van het kind tussen de ouders en het ontbreken van een brug tussen hen. Het hof oordeelde dat het gezamenlijk gezag niet langer in het belang van het kind is en dat het gezag aan de vader moet worden toegekend. Het hof wees het subsidiaire verzoek van de moeder om aanhouding en raadsonderzoek af en het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep van de vader werd niet behandeld omdat het gezag aan hem werd toegekend.
Het hof schreef een toegankelijke brief aan het kind waarin de beslissing en de redenen werden uitgelegd, met de nadruk op het belang van rust en duidelijkheid voor het kind. De beschikking van de rechtbank werd bekrachtigd en het hoger beroep van de moeder werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst het gezamenlijk gezag af, waarbij het gezag aan de vader wordt toegekend.