Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder van een minderjarige zoon verzocht namens hem de nalatenschap van haar vader te verwerpen. Zij had zelf de nalatenschap van haar vader reeds verworpen. Het verzoek om namens haar zoon te verwerpen werd echter ruim na de wettelijke termijn van drie maanden ingediend.
De kantonrechter wees het verzoek af wegens te late indiening. De moeder ging hiertegen in hoger beroep en verzocht het hof om alsnog machtiging te verlenen om namens haar zoon te verwerpen. Zij voerde aan dat zij niet direct wist dat zij ook namens haar zoon moest verwerpen en dat er sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding vanwege persoonlijke omstandigheden.
Het hof oordeelde dat de wettelijke termijn niet was gehaald en dat de redenen onvoldoende waren om de overschrijding te verontschuldigen. Op grond van artikel 4:193 lid 2 BW Pro geldt de nalatenschap daardoor als beneficiair aanvaard door de zoon. Het hof vernietigde de beschikking van de kantonrechter en verklaarde het verzoek niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het verzoek om namens de minderjarige zoon de nalatenschap te verwerpen is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening, waardoor de nalatenschap automatisch beneficiair is aanvaard.