De betrokkene kreeg een sanctie van €150 opgelegd voor het niet dragen van een autogordel tijdens het rijden op 2 september 2022 in Vlaardingen. Hij stelde dat hij de gordel pas afdeed toen het voertuig stilstond, nog voordat de ambtenaar bij hem was. De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond, maar het hof oordeelde anders.
Het hof concludeerde op basis van het dossier en een proces-verbaal dat niet kon worden vastgesteld dat de betrokkene tijdens het rijden zonder gordel reed. De ambtenaar had niet kunnen waarnemen dat de gordel niet gedragen werd tijdens het rijden, maar zag dit pas toen het voertuig stilstond. Hierdoor ontbrak voldoende bewijs voor de overtreding.
Het hof vernietigde de sanctiebeschikking en de beslissing van de kantonrechter, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van €1.230,50. Tevens werd bepaald dat teveel gestelde zekerheid wordt gerestitueerd.