Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
€ 50.000,-.
Aanvulling van de gronden
het hof begrijpt: met blanks) op de achterbank bij de patroonhouders heeft gelegd. [1]
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Op 16 januari 2021 vond er een schietincident plaats tijdens een militaire oefening in Afghanistan, waarbij een militair zwaar lichamelijk letsel opliep. De verdachte, die betrokken was bij het incident, werd eerder door de militaire kamer van de rechtbank Gelderland veroordeeld tot een taakstraf van 90 uren, subsidiair 45 dagen hechtenis, en de vordering van de benadeelde partij werd hoofdelijk toegewezen tot een bedrag van € 50.000,-. De verdachte ging in hoger beroep tegen dit vonnis. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden bevestigde op 24 juli 2025 het vonnis van de rechtbank, met aanvulling en verbetering van de gronden. Het hof oordeelde dat de militaire kamer op juiste wijze had beslist en dat er geen reden was om het vonnis te vernietigen. Het hof nam kennis van de vordering van de advocaat-generaal en de argumenten van de verdachte en zijn raadsman, mr. S.M. Diekstra, evenals de inbreng van de benadeelde partij en zijn advocate, mr. F.M.M. Buijs. Het hof concludeerde dat het scenario van de verdediging, waarin de munitie afkomstig zou zijn van een andere pick-up, onwaarschijnlijk was en dat de munitie die door de getuige was gebruikt, afkomstig was van de pick-up van de verdachte. Het arrest werd uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier, mr. M.E. Ruiter, en de voorzitter, mr. R.H. Koning, en is op 24 juli 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken.