Verdachte wordt verdacht van het besturen van een personenauto onder invloed van alcohol met een gemeten ademalcoholgehalte van 780 μg/l na een aanrijding op 4 januari 2023. Verdachte erkent het besturen van de auto maar betwist het gebruik van alcohol en stelt dat een medische aandoening, het auto-brouwerij syndroom (ABS), de gemeten waarde kan verklaren.
Verdachte heeft zich op eigen initiatief laten onderzoeken in twee ziekenhuizen, waar geen diagnose van ABS werd gesteld. Het hof erkent de complexiteit van de diagnose ABS en het belang van het rijbewijs voor verdachte, die als vrachtwagenchauffeur werkt. Daarom acht het hof het onderzoek niet volledig en beveelt het nader deskundigenonderzoek.
Het hof formuleert gedetailleerde onderzoeksvragen over de aard, prevalentie, symptomen, diagnostiek en mogelijke verklaringen van ABS. Het onderzoek wordt geschorst en de zaak wordt verwezen naar de raadsheer-commissaris voor het benoemen van een deskundige. Verdachte en de advocaat-generaal krijgen de gelegenheid om aanvullende vragen in te dienen en toestemming te geven voor het delen van medische gegevens.