Uitspraak
1.Stichting Kop & Lijf
stichting
[appellant2]
[appellanten]en afzonderlijk
de stichtingen
[appellant2]
de curator
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 1 juli 2025 een tussenarrest gewezen in het hoger beroep van Stichting Kop & Lijf tegen de curator in het faillissement van Kliniek Kop & Lijf B.V. De zaak betreft een geschil dat voortvloeit uit een eerdere uitspraak van 17 december 2024, waarbij partijen zijn uitgenodigd om hun standpunten te verduidelijken. Tijdens een mondelinge behandeling op 7 mei 2025 is het hof gevraagd om opnieuw arrest te wijzen. Het hof heeft besloten om de appellanten, die in deze zaak als gedaagden bij de rechtbank optraden, de gelegenheid te geven om te reageren op een specifiek verzoek van de curator met betrekking tot de ingangsdatum voor de berekening van de wettelijke (handels)rente. Dit verzoek was niet eerder aan de orde gesteld tijdens de mondelinge behandeling. Het hof heeft de zaak verwezen naar de rol van 5 augustus 2025 voor deze akte uitlating, en heeft verdere beslissingen aangehouden tot dat moment. De uitspraak is gedaan door een collegiaal hof, bestaande uit drie rechters, en is openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.