In het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel heeft het hof Arnhem-Leeuwarden vastgesteld dat het onderzoek niet volledig was. Tijdens de zitting van 30 juli 2025 bleek dat er geen rapportage van een gedragsdeskundige over verdachte was opgesteld, wat essentieel is voor een goed begrip van de achtergrond en beweegredenen van het gepleegde vergrijp.
Het hof acht het daarom noodzakelijk dat verdachte wordt onderzocht door een psycholoog die kan rapporteren over zijn toerekeningsvatbaarheid ten tijde van het delict. Het onderzoek wordt heropend en geschorst om deze deskundige benoeming mogelijk te maken.
De zaak wordt verwezen naar de raadsheer-commissaris die belast wordt met het benoemen van een psycholoog voor het opstellen van een mono-rapportage. Het onderzoek wordt hervat op een nader te bepalen datum, waarbij verdachte en zijn raadslieden, alsmede de benadeelden en hun advocaten, tijdig worden opgeroepen.