ECLI:NL:GHARL:2025:5868
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende steunbewijs bij verkrachting in massagesalon
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep van verdachte tegen zijn veroordeling voor verkrachting in een massagesalon op 16 oktober 2022. De rechtbank had verdachte veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, en een schadevergoeding van €4.000 toegewezen aan de benadeelde partij.
In hoger beroep oordeelt het hof dat het bewijs onvoldoende is om aan het bewijsminimum van artikel 342, tweede lid, Wetboek van Strafvordering te voldoen. De verklaring van de benadeelde partij bevat innerlijke tegenstrijdigheden en wordt onvoldoende ondersteund door onafhankelijk steunbewijs. Ook de verklaringen van verdachte en benadeelde verschillen significant, en het hof acht het mogelijk dat er sprake was van een misverstand over de aard van de handelingen.
Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank, verklaart het tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte vrij. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij wordt afgewezen wegens het ontbreken van een bewezenverklaring. De benadeelde partij wordt veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende steunbewijs voor verkrachting.