ECLI:NL:GHARL:2025:5989
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en aanpassing kinderalimentatie met zorgkorting en verrekening
De zaak betreft een hoger beroep inzake de vaststelling van kinderalimentatie tussen de vrouw en de man, ouders van drie minderjarige kinderen. De rechtbank had eerder een alimentatiebedrag vastgesteld met ingang van 1 juni 2024, maar de vrouw en de jong-meerderjarige waren het niet eens met de ingangsdatum, draagkrachtberekening en zorgkorting. De man kwam in incidenteel hoger beroep met een verzoek tot verrekening van extra betaalde bedragen.
Het hof overweegt dat de ingangsdatum van 1 juni 2024 passend is omdat partijen tot die datum een gezamenlijke huishouding voerden. De draagkracht van de man wordt bevestigd op €1.260,- per maand, en die van de vrouw op €350,-, conform de rechtbank. De zorgkorting wordt door het hof afgewezen omdat de man geen contact meer heeft met de kinderen en geen zorgkosten maakt, waardoor de kinderen anders tekort zouden komen.
Het verzoek van de man tot verrekening van extra betalingen wordt afgewezen omdat dit de vrouw financieel zou benadelen en omdat wettelijke bepalingen verrekening in deze situatie verbieden. Het hof bepaalt dat de man met ingang van 1 juni 2024 €420,- per kind per maand betaalt en dit bedrag per 1 januari 2025 wordt geïndexeerd naar €447,-. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij de eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof stelt de kinderalimentatie vast vanaf 1 juni 2024 met een bedrag van €420 per kind, indexering per 1 januari 2025, zonder zorgkorting en zonder verrekening van extra betalingen.