ECLI:NL:GHARL:2025:6039
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak diefstal met braak wegens onvoldoende bewijs DNA-sporen
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter die verdachte veroordeelde tot vier maanden gevangenisstraf voor diefstal met braak. De tenlastelegging betrof het onrechtmatig betreden van een woning en het wegnemen van goederen met braak.
Tijdens het hoger beroep onderzocht het hof het bewijs, waaronder DNA-onderzoek van epitheelsporen op de plaats delict. Hoewel een DNA-mengprofiel werd aangetroffen met verdachte als mogelijke donor, kon het hof niet vaststellen dat verdachte daadwerkelijk de sporen had achtergelaten tijdens de inbraak. Het hof vond het aannemelijk dat handschoenen werden gebruikt, waardoor het DNA-spoor via overdracht kon zijn ontstaan.
De advocaat-generaal had een gevangenisstraf van vier maanden gevorderd, maar het hof oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om verdachte te verbinden aan het strafbare feit. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak verdachte vrij wegens gebrek aan wettig bewijs.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens gebrek aan wettig bewijs voor diefstal met braak.