Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
- vernietiging van het vonnis van de rechtbank;
- veroordeling van de verdachte ter zake van het aan hem tenlastegelegde feit tot een gevangenisstraf voor de duur van dertig maanden, waarvan twaalf maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaren;
- oplegging van de vrijheidsbeperkende maatregel ex artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht voor de duur van drie jaren, inhoudende een contactverbod met aangever [benadeelde] , met bepaling dat voor iedere overtreding daarvan één week hechtenis wordt opgelegd, met een maximum van zes maanden;
- integrale toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] voor het bedrag van € 12.650,46, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;
- toewijzing van de vordering na voorwaardelijke veroordeling met parketnummer 96-126688-19, in de vorm van tenuitvoerlegging van een gevangenisstraf voor de duur van vier weken.
Het vonnis waarvan beroep
- de verdachte ter zake van het aan hem tenlastegelegde feit veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twintig maanden, met aftrek van het voorarrest, waarvan tien maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaren en met als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering, het onthouden van het gebruiken van drugs, het meewerken aan het vinden van dagbesteding en het meewerken aan schuldhulpverlening;
- de vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd ex artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht voor de duur van drie jaren, inhoudende een contactverbod met aangever [benadeelde] ;
- de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] gedeeltelijk toegewezen tot het bedrag van € 3.178,32, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;
- de vordering na voorwaardelijke veroordeling toegewezen met parketnummer 96-126688-19, in de vorm van tenuitvoerlegging van een gevangenisstraf voor de duur van vier weken.
De tenlastelegging
Bewijsoverweging
1. De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van de rechtbank d.d. 5 januari 2024;
2. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte d.d. 18 augustus 2023, opgenomen op pagina 20 e.v. van het dossier van Politie Noord-Nederland met nummer PLO 100-20232118818 d.d. 22 september 2023, inhoudend als verklaring van [benadeelde] , zakelijk weergegeven:
(het hof begrijpt: de verdachte)en pakte hij een revolver. De man richtte de revolver op mij. Hij zei dat ik mijn ketting af moest geven, want anders zou hij schieten. Ik heb daarop mijn ketting afgedaan en afgegeven aan de man uit [plaats] . [naam] ging voor de tussendeur staan naar de gang toe. Ik kon daardoor niet via de voordeur de woning verlaten.
3. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aanvullend verhoor
het hof begrijpt: de verdachte) heeft dat pistool op mij gericht.
4. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 1
5. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 17
6. Een naar wettelijk voorschrift ongemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 3
7. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor d.d. 19
het hof begrijpt: [benadeelde]) door de tuin kroop bij
8. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 25
9. Een geneeskundige verklaring, op 21 september 2023 opgemaakt en ondertekend door
drs. [naam] , tandarts, voor zover inhoudend, als zijn geneeskundige verklaring:
10. Een Forensisch Geneeskundige Letselrapportage van GGD [locatie] , opgemaakt en ondertekend door forensisch arts KNMG [naam] , voor zover inhoudende, als zijnde geneeskundige verklaring:
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf en maatregel
- de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke te plegen feiten worden opgelegd;
- de omstandigheid dat de verdachte zich samen met anderen schuldig heeft gemaakt aan afpersing. Het slachtoffer is daarbij met kracht tegen zijn mond geslagen - als gevolg waarvan het slachtoffer gebitsschade heeft opgelopen - en onder bedreiging van een vuurwapen door de verdachte gedwongen tot afgifte van zijn gouden halsketting. Tegelijkertijd is het slachtoffer vastgepakt en tegengehouden, waardoor hij aanvankelijk niet heeft kunnen vluchten. De verdachte en de mededader hebben zich jegens het slachtoffer zodanig dwingend, bedreigend en gewelddadig
- de inhoud van hem betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 27 augustus 2025, waaruit volgt dat de verdachte eerder onherroepelijk voor gekwalificeerde vermogensdelicten is veroordeeld. De verdachte is op 24 september 2020 onherroepelijk veroordeeld, waarbij aan hem een ISD-maatregel is opgelegd. Deze veroordeling heeft hem er kennelijk niet van weerhouden opnieuw een strafbaar feit te plegen. Ook is de verdachte voor andersoortige feiten onherroepelijk veroordeeld. Het hof weegt een en ander in strafverzwarende zin mee bij de strafoplegging. Voorts heeft het hof rekening gehouden met de toepassing van artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht;
- de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, voor zover daarvan uit het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep is gebleken.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
Vordering tenuitvoerlegging
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
15 (vijftien) maanden.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
€ 12.650,46 (twaalfduizend zeshonderdvijftig euro en zesenveertig cent) bestaande uit € 5.150,46 (vijfduizend honderdvijftig euro en zesenveertig cent) materiële schade en € 7.500,00 (zevenduizend vijfhonderd euro) immateriële schade,waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) weken.