Uitspraak
[betrokkene] ,
Het hoger beroep
Het onderzoek van de zaak
De beslissing waartegen het hoger beroep is gericht
zijn eigenwederrechtelijk verkregen voordeel.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen de beslissing van de rechtbank Noord-Nederland inzake ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepteelt. De rechtbank had het voordeel vastgesteld op €502.318,07 en de betalingsverplichting op €498.498,07. Het hof stelde het voordeel vast op €267.909,01, lager vanwege reeds voldane bedragen door medeverdachten.
De verdediging voerde aan dat het voordeel van medeverdachten in mindering moest worden gebracht en dat een gelijke verdeling van het voordeel tussen de betrokkenen moest gelden. Het hof verwierp deze stellingen, stellende dat in de berekening reeds rekening was gehouden met het voordeel van medeverdachten en dat er geen aanwijzingen waren voor een gelijke verdeling.
Daarnaast werd het draagkrachtverweer van de betrokkene afgewezen, ondanks zijn slechte gezondheid en hoge leeftijd, omdat hij over diverse vermogensbestanddelen beschikt die aanspreekbaar zijn voor de betalingsverplichting. Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank en legde de betalingsverplichting vast op het genoemde bedrag.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de ontnemingsvordering van €267.909,01 en wijst het draagkrachtverweer af.