Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak stond de vraag centraal of een mentorschap voor verzoeker noodzakelijk was. De kantonrechter had eerder een mentorschap ingesteld en een mentor benoemd op verzoek van de voormalige bewindvoerder.
Verzoeker ging in hoger beroep tegen deze beslissing en stelde dat het mentorschap niet nodig was. Tijdens de zitting kwamen alle betrokken partijen overeen dat de reeds ingezette hulp en ondersteuning, waaronder Buurtzorg, Helpende Handen en huishoudelijke hulp, voldoende waren. Tevens beschikte verzoeker over een alarmknop voor noodgevallen.
Het hof overwoog dat het instellen van een mentorschap een ingrijpende maatregel is die het zelfbeschikkingsrecht van verzoeker aanzienlijk beperkt. Gezien de adequate ondersteuning achtte het hof het mentorschap niet noodzakelijk. Daarom vernietigde het hof de eerdere beschikking en wees het het verzoek tot instelling van een mentorschap af.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot instelling van een mentorschap af wegens het ontbreken van noodzaak.